THE HUMAN AGENDA

JONATHAN FURST

Hoe ben je in de bouw terecht gekomen?

Jonathan: “Ik houd heel erg van bouwen en ben een beetje een autodidact. Mijn vader was architect en als kind kreeg ik zijn liefde voor de combinatie van ontwerpen en maken mee. Hij nam me overal mee naartoe en ik hielp hem dan. Ik vond en vind het supermooi om te zien hoe dingen gemaakt worden. Nu ben ik alweer een hele tijd werkzaam in de bouwsector, waarvan de eerste vijftien jaar aan de klantzijde. Ik ben dus vooral gevormd binnen de sector vanuit de vraagkant, minder vanuit de maakkant.”

Wat heeft jou nog meer gebracht tot waar je nu bent?

“Ook liefde voor mensen en hun lerend vermogen heb ik vanuit huis meegekregen. Mensen helpen zich te ontwikkelen, persoonlijk en professioneel. Vertrouwen hebben in jezelf én in de ander. Ik heb psychotherapie gestudeerd en ook bij de Amerikaanse consultant waar ik lang werkte lag er een sterke nadruk op leren en jezelf ontwikkelen. De ‘hardere’ studies die ik deed waren planologie aan de UvA en bedrijfskunde in de VS. Al met al dus eigenlijk heel breed. Ik ben geen bouwkundige of designer, wat veel mensen denken, maar heb vooral veel geleerd van de mensen met wie ik werkte en natuurlijk door te doen.”

Hoe kijk je met die blik naar wat er vandaag in de bouwsector speelt?

“De bouw is nog steeds een hele mooie sector. We geven onderdak aan mensen, om te wonen, werken, een plek waar ze ziek kunnen zijn en behandeld worden, plaatsen waar plezier wordt gemaakt, gegeten, gedronken. Gebouwen raken alle aspecten van het leven, van wieg tot graf. Zo veel kleine kinderen houden van gebouwen bedenken en maken, hoe klein of eenvoudig ook. Het lijkt wel of deze liefde in de mens zit. Toch zie je dat wanneer we eenmaal groot zijn en in de bouw werken, dit vaak ondergesneeuwd raakt door sneller moeten, strakke budgetten en de drang naar efficiëntie. Dat vind ik pijnlijk om te zien. Partijen werken hierdoor niet meer met maar tegen elkaar. Onenigheid over wie er gelijk heeft, ruzie om geld. Dat ontmoedigd en dat is eeuwig zonde. Dan vraag ik me af waar het kind in ons gebleven is die droomt van het bedenken en maken van mooie gebouwen. Bij ASVB zijn we daarom altijd op zoek naar het mooie, de bedoeling en het dienen van alle belangen en behoeftes – niet alleen die van onszelf.”

Op welke manier?

“De liefde en toewijding ontbreken in de basis niet, noch bij de klant, de architect of derden. Dat is ons uitgangspunt. Zoek mensen die houden van hun vak, graag samenwerken, willen leren, en zichzelf ontwikkelen – persoonlijk én professioneel. Daarnaast zien we het als onze plicht om ervoor te zorgen dat mensen op de juiste plek terecht komen, zowel op gebied van klanten maar zeker ook collega’s. We kijken daarom altijd welke specialisatie of focus bij iemand past. Naast harde aspecten zoals de markt en bouwsystemen wordt de bedrijfscultuur en een persoonlijke klik ook altijd in acht genomen. Misschien nog wel het allerbelangrijkste is dat wij ervoor zorgen dat we ons niet mengen in aanbestedingen waar anderen dicteren wat iemand moet doen. Vakmensen met kennis, ervaring en liefde voor hun werk moet je niets opleggen. Dan is het bij voorbaat een verloren zaak.”

Wat zijn dingen waar jullie sterk in geloven?

“Onze bedrijven ademen ondernemerschap, op alle niveau’s. Er is altijd sprake van een bevlogen ondernemer met een duidelijke visie en strategie – gericht op waarde creëren voor iedereen. Ze denken in win-win-win’s. Vanaf dag één worden onze mensen aangemoedigd om te leren en wij doen er alles aan om dat te faciliteren. Goed worden in je vak, respectvol samenwerken, creatief denken maar ook luisteren, vragen stellen en meedenken zijn voor ons belangrijke pijlers. Ons hele interne ontwikkelprogramma is hierop gericht en een groot deel van onze eigen, in-house opleidingen focust daarom meer op communicatieve- dan op technische vaardigheden.”

Welke persoonlijke kwaliteiten heb je nodig om succesvol te worden?

“Sectorbreed kan ik daar niet over oordelen, maar wel voor ASVB. De markt is namelijk niet homogeen. Bij ons staan klantgerichtheid, ondernemerschap en de bereidheid te leren hoog op het lijstje. Neem de coronasituatie als voorbeeld. Wij gaan direct het gesprek aan met de klant: wat betekent deze situatie voor jullie, hoe kunnen we jullie problemen oplossen, waar leggen we prioriteiten met elkaar? En wat kan er vooral nog wel. Mensen die het verschil kunnen maken, dus creatieve, initiatiefrijke aanpakkers.”

Is de sleutel voor een goed bedrijf de mensen?

“Ja! Onze eerste, diepgewortelde overtuiging is dat de continuïteit van ieder bedrijf volledig afhangt van de kwaliteit van de mensen. Goede mensen, die zich blijven ontwikkelen, in verschillende fases van hun leven en loopbaan. Uiteindelijk zijn het de mensen die het bedrijf maken, niet andersom. Zij zijn de sleutel tot succes. Vandaag en morgen. Binnen ASVB bepaalt dit ‘heilige’ uitgangspunt onze houding. We investeren tijd, geld en aandacht met hoofd en hart. Écht goede mensen moet je namelijk altijd kansen bieden. Daarnaast moet je ze ook uitdagen en loslaten om ontwikkeling te stimuleren. Als mens en als professional.”

Wat zijn de grootste uitdagingen voor de sector?

“De professionals, ofwel de mensen op de werkvloer, in staat stellen om te excelleren. Hen de ruimte geven om hun werk goed én op hun eigen manier te doen. In de sector zie ik dat de steeds complexere projecten uit een soort automatisme top-down worden gemanaged, waardoor het team van professionals wordt ingeklemd door stroperige managementlagen. Er wordt te veel ruimte ingenomen door baasjes die geen inhoud en hulp bieden, maar beloningen en straffen uitdelen. Veel mensen zijn ongelukkig en al lang niet meer gericht op hun eigen ontwikkeling of bijdrage aan de maatschappij, klant of project. Dat is echt een no go! Daarom hebben wij een andere visie op loopbaanontwikkeling en kansen. Zie het als een one-family-benadering zonder baasjes en onderbaasjes. Stap af van top-down-managementvormen en zinloze controles. Dit resulteert enkel in gebrek aan eigenaarschap en goede mensen die de sector verlaten. En dat wil je niet.”

Welke belangrijke ontwikkelingen heb je de afgelopen jaren ervaren bij ASVB?

“Het groeiende ondernemerschap door alle bedrijven heen, van directies tot aan uitvoerders, van projectleiders tot en met secretaresses. Geweldig om te zien! Ook is er veel meer contact tussen de mensen uit verschillende ASVB-bedrijven. Ze kennen elkaar, wisselen kennis uit en werken samen wanneer mogelijk. Betrokkenheid en motivatie is essentieel voor succes, daar zijn we van overtuigd. Financieel resultaat komt met de goede mensen en de juiste spirit vanzelf ”

Denk je dat andere bedrijven de emotionele betrokkenheid niet zo hoog op de strategische agenda hebben staan?

“Dat zal ongetwijfeld verschillen per bedrijf. Ik vrees dat er vaak geen primaire, oprechte aandacht voor is vanuit de top van een onderneming. Met name bij grote organisaties lijkt het me dat mensen nog wel eens gezien worden als instrument om het doel van het bedrijf te dienen. Als directie heb je een doel en de mensen zijn het middel. Bij ons het is het precies andersom: de mensen zijn het bedrijf.”

Wat zie jij als het doel van het bedrijf?

“Veel directieleden in onze sector hoor ik zeggen: ‘ja, uiteindelijk doen we het maar voor een ding en dat is geld verdienen’. Dat zeggen ze alsof het een vanzelfsprekendheid is. Hoe je het doet verschilt, maar het doel is uiteindelijk geld. Voor mij is dat een armoedige zienswijze. Je haalt zo het middel en doel door elkaar. Geld is een middel om te kunnen leven, voor continuïteit van een onderneming, maar niet een doel op zich. Het zit zo diepgeworteld in de sector, terwijl het doel het welzijn van mensen in brede zin is. De bijdrage aan het geluk, plezier, welzijn en de veiligheid van mensen.”

Wat raad je de mensen in de sector aan?

“Ik zie veel mensen in de sector terecht komen die bij een bedrijf gaan werken en geen idee hebben wat voor bedrijf dat is. Je wordt binnen die organisatie gevormd tot wie je bent en na vijftien jaar merk je dat de energie wegzakt. Daarom zeg ik altijd: kies bewust voor een bedrijf dat bij je past. Qua identiteit, strategie en cultuur. En ga daar vervolgens ook zelf vorm aan geven, werk mee aan de toekomst zoals je die graag ziet, en blijf niet alleen maar volgen.”

Dit zijn wel dingen waar mensen soms totaal niet mee bezig zijn.

“Klopt, zo zijn we niet gevormd. Ik ben daar ook niet in gevormd vroeger op school. We zijn altijd bezig met wat we moeten doen, niet met wie we zijn. Het is belangrijk om te kijken naar wie je bent, wat bij je past en daar onderzoekend in te zijn. Tijdens mijn sollicitatiegesprekken gaat het vooral daarover. Niet enkel over kennis en competenties, maar zeker ook over je persoonlijkheid, persoonlijke visie en motivatie. Pas als je daar samen een beeld over hebt, kun je kijken wat mogelijk bij iemand past.”

Wat hoop je de komende vijftien jaar terug te gaan zien in de sector?

“Ik houd van een goed ondernemingsplan met een duidelijke positionering. Strategisch denken, ondernemen, naar buiten kijken, anticiperen en reageren, dat is wat ik belangrijk vind. Daarmee creëer je aanpassingsvermogen. De sector mag van mij wel wat ondernemender. In januari starten wij daarom een programma voor jongeren dat ingaat op het ontwikkelen van ondernemend potentieel. Zo willen we meegeven dat de sector juist daar belang bij heeft en beter van wordt.”

Jonathan Furst
CEO bij ASVB

Wat draagt volgens jou bij aan de groei van de mensen?

“Er zit eigenlijk een sportief en competitief aspect in. Het ondernemende en leergierige karakter. Maar het gaat ook om mensen uitdagen, coachen en vertrouwen geven. Je moet je als bedrijf opstellen als de leermeester, mensen de kneepjes van het vak bijbrengen, maar ook de uitdager. Mensen moeten op een opbouwende manier getriggerd worden om zelf na te denken, op hun ervaringen te reflecteren. Met als doel hierdoor beter en scherper te worden. Wij besteden bijvoorbeeld veel aandacht aan generatiesociologie. Het is deels generatiegebonden hoe mensen gevormd zijn en met anderen omgaan. Als je goed met elkaar wilt samenwerken en het best uit iedereen en het team wilt halen, moet je daar wel begrip voor hebben.”

Terugkijkend op je eigen carrière, wat waren essentiële momenten?

“Van alle ervaringen die ik heb opgedaan en mensen waarmee ik heb gewerkt, heb ik veel geleerd. Jarenlang heb ik te maken gehad met succesvolle bedrijven die sterk groeiden en dat is leerzaam. Maar ook de bedrijven die in zwaar weer verkeerden hebben mij veel geleerd. Want hoe komt een onderneming in een crisis terecht? En misschien nog wel belangrijker: hoe komen we er weer uit? Dit alles heeft mij gevormd en ik ben er volgens mij ook wel een teamplayer door geworden. Niemand is overal het beste in en niemand kan alles alleen. Ik ook niet.”

En nog andere dingen die opvielen?

“Ja, het fenomeen ondernemerschap ben ik echt enorm gaan waarderen. Bedrijven hebben ondernemende, visionaire personen nodig. Mensen met gevoel voor de markt, klant en relaties. Door een ander te helpen zijn zij zelf commercieel succesvol en bepalen zo het ritme en de richting van een gezond bedrijf. Daarom heten het ondernemingen en niet organisaties. Soms lijkt het erop dat we het ondernemende in onze betrekkelijk comfortabele en rijke samenleving een beetje kwijt zijn. We managen te veel en ondernemen te weinig.”

Hoe komt dat volgens jou?

“Bedrijven werden steeds groter en er ontstonden steeds meer fusies en overnames. Grote organisatiestructuren zijn moeilijk te overzien, dus de mensen die goed kunnen delegeren en structureren klommen het snelst naar boven. Dat zijn meestal geen ondernemers, maar bestuurders. Je ziet het ook in sommige familiebedrijven: die doen het goed, werken met veel passie, betrokkenheid en lef. Totdat ze te groot worden en de managers het overnemen. Houd het ondernemerschap en de inhoudelijke, informele familiecultuur vooral in stand zou ik zeggen.”

Wat zijn belangrijke eigenschappen?

“Ondernemerschap en zelf verantwoordelijkheid pakken voor je leven en je werk. Oog hebben voor de ander en soms ook gewoon doorzettingsvermogen.”

Geldt dat voor alle niveaus? Dus ook voor een starter.

“Ja hoor, waarom niet? Het is meer: hoe gaan we dit varkentje wassen? Uitspraken dat Millennials lui zijn en alleen maar op social media zitten is echt onzin. Millennials willen graag dingen aanpakken en oplossen. Daar moet je ze de ruimte voor geven, zonder ze helemaal los te laten.”

Wat vind jij van die visie van Building Heroes?

“Ik vind de co-creatie heel mooi. Samen doelen stellen en daar samen voor gaan. Dan moet je een overlappend DNA hebben. In mijn ogen zijn veel van jullie ondernemende mensen die kansen spotten en initiatief nemen.”

Moet er altijd een klik tussen mensen zijn om goed te kunnen samenwerken?

“Het zit ‘m echt in een overlappend DNA, het is meer dan een persoonlijke klik met elkaar hebben. Ik heb met veel mensen persoonlijk een goede klik, maar daar ga ik echt niet mee samenwerken. Het gaat om de overtuiging die terug moet komen in je doen en laten.”

Heb je voorbeelden van andere bedrijven die het goed doen?

“Buurtzorg vind ik goed en inspirerend. Coolblue ook, zij zijn gegroeid zonder hun identiteit te verliezen. Er zijn zo veel goede ondernemingen en ondernemers waar wij nog van kunnen leren.”

Je hebt veel vertrouwen, maar de markt verandert ook. Ben je daar druk mee bezig?

“Jawel, ik ben hier altijd over in gesprek met onze bedrijven. Dat is nuttig, noodzakelijk en ook gewoon leuk. De meeste bedrijven zijn heel flexibel en passen zich snel en goed aan als dat nodig is. Naast IQ stellen wij ook hoge eisen aan het EQ en AQ (aanpassingsvermogen) van onze managementteams.”

Hoe kijk je aan tegen innovatie in de bouw?

“Innovatie is al pakweg 20 jaar een kernbegrip in de sector. Mensen van buiten de sector vinden dat de bouw te weinig innoveert, maar dat vind ik echt helemaal nergens op slaan. Als je ziet hoe er in Nederland ten opzichte van 40 jaar geleden gebouw wordt, dan is er enorm veel geïnnoveerd. Wat er nu bijvoorbeeld allemaal geprefabriceerd wordt!
Ten opzichte van andere landen zijn wij behoorlijk modern en efficiënt, maar het klopt natuurlijk ook dat er nog veel mogelijkheden liggen. Innoveren vraagt in mijn optiek wel eerst om specialiseren. Wat logisch is, want als je iedere dag bezig bent met eenzelfde soort project dan word je daar vanzelf beter in. Als je geen specialisme hebt, kun je nooit innovatief worden. Ook laat innovatie zich niet top-down managen. Het is voor professionals en vakmensen. Daarnaast vraagt het er wel om om verantwoordelijkheden laag in de organisatie te leggen. En dat is iets wat ik als enorme opgave zie in de sector.”

Dat moet ontstaan vanuit de liefde die mensen hebben voor het vak.

“Ja, maar dat vraagt echt om specialisatie, kleinschalig organiseren en verantwoordelijkheden laag in de organisatie leggen. Je moet veel kennis opdoen over een bepaald type klant of gebouw en mensen daartoe in de gelegenheid brengen.”

Hoe zorg je ervoor dat mensen plezier hebben op hun werk?

“Wij hebben 5 kernmotieven, waarvan plezier er een is. Het gaat heel erg om vertrouwen en oprechte aandacht geven. Laten zien dat je investeert in de ontwikkeling van mensen en ze kansen geeft te groeien in hun werk. Wanneer je zaken zoals klant en uitvoerder of de bedenker en maker van elkaar scheidt en overal contracten en belangen aan vast hangt, is het plezier heel ver te zoeken. Dat vind ik zo erg. Elk kind is een bouwer, of het nu met legoblokken of met hout is. Dat moet je nooit kapot organiseren omdat je bang bent dat je de controle kwijtraakt. Die ben je op dat moment namelijk al lang kwijt.”

Zou je anderen adviseren om in de bouw te gaan werken?

“Ik zou iedereen adviseren om hun hart te volgen. Als je echt goed op kinderen let, zie je dat vaak terugkomen. Is een kind dat altijd gebouwen bedenkt en tekent misschien geen architect in spé? Of die wiebelkont op school, niks ADHD, dat is een geboren danser. Ook onze sector moet inzien dat liefde voor het vak een belangrijk aspect is dat altijd voldoende ruimte en zuurstof moet krijgen. Die intrinsieke passie van mensen moet niet ondergesneeuwd worden door een drang naar efficiëntie en controle.”

Hoe gaan jullie om met de coronasituatie?

“We gaan in ieder geval niemand ontslaan door corona. Of het nu een maand of een jaar duurt, we gaan geen enkele werknemer om die reden ontslaan. Al zou dat betekenen dat we de helft minder winst hebben, het maakt niet uit. Hoe erg is dat nou een beetje minder resultaat? Dat kunnen we makkelijk hebben, onze mensen zijn veel belangrijker. Verder gaat het goed hoor, elke situatie biedt kansen om je klanten te helpen, ook deze. In die zin valt de impact bij ASVB allemaal wel mee momenteel.”

Wat is jouw gedachtegang hierachter?

“Het gaat om de continuïteit, voor de klanten, leveranciers en medewerkers. Daarvoor ben je er, punt. Ik zou de sector graag willen meegeven dat dit beter kan. Minder uitsluitend die focus op het financiële resultaat, maar op de mensen: collega’s, klanten, partners. Ondernemerschap inzetten om anderen verder te helpen. Dat loont altijd en zo win je het vertrouwen, dat maakt dat ook jou iets gegund wordt.”